Zicht op het vastgoed is grip op het vastgoed

| | |

Maatschappelijk vastgoedmanagement: behouden, afstoten, renoveren of waarde vermeerderen?

De vastgoedportefeuille van decentrale overheden behoort met meer dan 10.000 gebouwen niet alleen tot de grootste portefeuilles in Nederland, maar is ook het lastigste te managen. Terwijl juist het verkrijgen van inzicht in (de prestaties van) de portefeuille een duidelijke voorwaarde is voor verdere ontwikkeling. Tijdens het BouwregieNetwerk seminar ‘Strategisch managen maatschappelijk vastgoed’ werd door TU Delft, Gemeente Heemskerk, Grontmij, Gemeente Raalte en Procap vanuit diverse perspectieven dit onderwerp belicht.

Hoogleraar TU Delft Hans de Jonge schetste de context van de Nederlandse vastgoedsector aan de hand van het promotieonderzoek ‘Leegstandsmanagement van publiek vastgoed’ dat de TU Delft in de zomer van 2013 publiceerde. “Feitelijk vindt er een verschuiving plaats van een industriële diensteneconomie naar een idee-gedreven, creatieve diensteneconomie. Dit leidt tot nieuwe infrastructuur, ander ruimtegebruik (netwerken) en gebruikspatronen. Zo is beschikbaarheid nu belangrijker dan eigendom.” Dit alles heeft invloed op zowel commercieel als maatschappelijk vastgoed. “De huidige voorraad paste bij de situatie van vroeger, maar is niet flexibel (genoeg) om zich aan te passen aan onze nieuwe realiteit. Onze Nederlandse opgave hierin is het accommoderen van toekomstige vraag in de bestaande voorraad.” Voordat je hierin stappen kan zetten, is het echter van belang om te weten wat je als gemeente bezit. “Zorg dat je als gemeente je voorraad in beeld hebt” benadrukt de Jonge, “Alleen dan is het mogelijk om een gedegen gemeentelijk vastgoedbeleid vaststellen en te bepalen of je wilt afstoten, behouden, renoveren, transformeren enzovoort.” Eke Schins-Derksen (Grontmij) onderschrijft dit: “Door te ondernemen met maatschappelijk vastgoed is het mogelijk om gericht te sturen op de portefeuille maar daarvoor is inzicht krijgen in diezelfde portefeuille essentieel.”

Hoe weet u of het vastgoed in uw portefeuille zorgt voor een zonnige toekomst of een blok aan het been is?

Schins licht toe hoe eigenaren van maatschappelijk vastgoed hun gebouwen en accommodaties actief kunnen aanpakken en doorloopt met de aanwezigen het stappenplan om uiteindelijk grip te krijgen op de portefeuille. De gemeente Heemskerk heeft deze aanpak inmiddels toegepast. Deze gemeente stuurt samen met de gemeente Beverwijk op het huisvestingsbeleid van het basisonderwijs. Yvonne Hakze (gemeente Heemskerk): “Op de lange termijn hebben we te maken met een dalend aantal leerlingen in onze gemeenten. Dat was voor ons het moment om actie te ondernemen en met de schoolbesturen om tafel te gaan zitten. Na het vaststellen van de uitgangspunten en het checken van als vastgoedgegevens, financiële gegevens en omgevingsfactoren, hebben we de gewenste ontwikkelrichting bepaald. Dat betekende voor ons dat we per wijk het maximaal aantal scholen hebben vastgelegd en als uitgangspunt hebben genomen dat we multifunctioneel gebruik willen faciliteren.” Door middel van de zogeheten aanpak ‘Vastgoedstratego’ heeft de gemeente verder het beleid bepaald. “formuleer met alle stakeholders een gezamenlijk gedragen visie op het desbetreffende vraagstuk” raadt Yvonne de andere gemeenten aan, “Maar wees vooral proactief: meten is weten.”

Wat doe je op het moment dat je je vastgoedbeleid hebt bepaald?

Truus Klein Wolterink (Gemeente Raalte) vertelde samen met Arjen Jansen (Procap) over de keuze om enerzijds in te zetten op bundeling van voorzieningen in grote kernen in de gemeente, maar ook op de zelfredzaamheid (participatie) van de inwoners in de kleinere kernen.

Het voorzieningenniveau stond in deze kleine kernen financieel onder druk. Toch was er vanuit de inwoners ook een politieke en maatschappelijk wens om de maatschappelijke voorzieningen (en daarmee leefbaarheid) in kleine kernen te behouden. Hoewel de gemeente een gedeeltelijke, eenmalige bijdrage in de investering kon verstrekken vanwege het belang van een ontmoetingsfunctie, was er niet veel geld beschikbaar voor een vernieuwingsopgave. Hier hebben de dorpskernen zelf de handschoen opgepakt, vrijwilligers gemobiliseerd en financiën georganiseerd om uiteindelijk toch een sporthal en MFA te realiseren. Uiteindelijk zijn er goede resultaten bereikt ten bate van de leefbaarheid van de kleine kernen: door particuliere stichtingen gerealiseerde én geëxploiteerde MFA’s.

Bovenstaande is een beknopt verslag van het BouwregieNetwerk seminar ‘Strategisch managen maatschappelijk vastgoed’ dat op dinsdag 8 april plaatsvond op de Vrije Universiteit Amsterdam. Wilt u meer informatie? Stuur dan een e-mail naar secretariaat@bouwregienetwerk.nl